Spreiden van de beleggingsresultaten
Bij de ingegane pensioenen verwerken wij de beleggingsresultaten niet langer meer maandelijks in het persoonlijke pensioenvermogen. De beleggingsresultaten spreiden we over meerdere jaren uit. Zo kunnen we mindere jaren beter opvangen. Is dat niet genoeg dan is er ook nog een solidariteitsreserve om uw pensioen aan te vullen bij een mogelijke verlaging.
Op het moment dat u met pensioen gaat, verdelen wij uw persoonlijke pensioenvermogen in twee delen:
- een uitkeringsvermogen: hieruit ontvangt u elke maand uw pensioen, en
- een spreidingsvermogen: een deel van de beleggingsresultaten zetten we tijdelijk apart om uw pensioen de komende jaren mee te verhogen of te verlagen.
Op 1 juli van elk jaar verhogen of verlagen we uw pensioen met een deel van het spreidingsvermogen.
Spreiden van de beleggingsresultaten
Aan het begin van elk jaar stellen we vast wat het beleggingsresultaat was van het jaar ervoor. Een deel van dat beleggingsresultaat is bedoeld om uw pensioen te beschermen tegen mogelijke rentewijzigingen. Van het deel dat dan overblijft (het overrendement) gaat 10% naar de solidariteitsreserve om deze op peil te houden. Dit gebeurt alleen als het overrendement positief is.
Dat ziet er dus als volgt uit:
Totale beleggingsresultaat van jaar X
-/- deel bestemd voor bescherming van uw pensioen tegen rentewijzigingen
-/- storting in solidariteitsreserve
===================================================
Overgebleven beleggingsresultaat
Het overgebleven beleggingsresultaat krijgt u niet ineens. We spreiden dat over meerdere jaren uit. Het deel dat nog niet verwerkt is, gaat naar het spreidingsvermogen. We gebruiken jaarlijks 1/3 van het spreidingsvermogen voor het aanpassen van uw pensioen.
Voorbeeld
Stel dat het overgebleven beleggingsresultaat 3% is in 2026 (vanaf ingang nieuwe pensioenregeling, 1 juni). Dus na aftrek van het deel dat bestemd is om rentewijzigingen op te vangen én de storting in de solidariteitsreserve. Dan verhogen we uw pensioen per 1 juli 2027 met 1% (1/3 van 3%) in dit voorbeeld. De 2% die nog blijft staan, schuift door naar volgend jaar.
Stel dat het overgebleven beleggingsresultaat 4% is in 2027. Daar wordt dan 1/3 (=1,33%) van gebruikt om uw pensioen te verhogen. Maar daar komt nog 1/3 van het doorgeschoven beleggingsresultaat van 2026 bij. In totaal verhogen we uw pensioen per 1 juli 2028 dan met 1,33% + 0,67% (1/3 van 2%) = 2%
Ieder jaar wordt uw pensioen dus aangepast met 1/3e van het behaalde beleggingsresultaat in dat jaar plus 1/3e van het nog niet verwerkte beleggingsresultaat uit voorgaande jaren. Het beleggingsresultaat dat nog niet verwerkt wordt in uw pensioen, wordt in de jaren daarna verwerkt en gaat naar het spreidingsvermogen. We gebruiken jaarlijks 1/3 van het spreidingsvermogen voor het aanpassen van uw pensioen. Wettelijk is geregeld dat een beleggingsresultaat bij deze systematiek na 10 jaar volledig verwerkt moet zijn. Door deze spreiding van de beleggingsresultaten verloopt de ontwikkeling van uw pensioen gelijkmatiger. Zo hebben goede en slechte beleggingsjaren minder invloed op uw pensioen.
Let op: we verwachten dat we in het begin van de nieuwe pensioenregeling de pensioenen niet kunnen verhogen zoals u van ons gewend bent. Het kan best zijn dat we met minder kunnen verhogen dan de prijzen stijgen. Dat komt omdat we de resultaten spreiden over meerdere jaren. Het duurt dus even voordat we de beleggingsresultaten over meerdere jaren “verzameld” hebben. Om dit op te vangen, heeft u bij de overgang op de nieuwe pensioenregeling een eenmalige verhoging van uw pensioen ontvangen.
Negatieve beleggingsresultaten en de solidariteitsreserve
Als de beleggingsresultaten meerdere jaren achter elkaar negatief zijn, kan het gebeuren dat we uw pensioenuitkering zouden moeten verlagen. Dan kan er geld uit de solidariteitsreserve gebruikt worden om uw pensioen op peil te houden. Deze reserve is dus bedoeld om uw uitkering zo stabiel mogelijk te houden in slechte tijden.