Solidariteitsreserve
In de solidaire premieregeling die op 1 juni 2026 is ingegaan heeft iedereen een persoonlijk pensioenvermogen. Daarnaast is er ook een verplichte gezamenlijke reserve. We noemen dit de solidariteitsreserve. Dit is een collectieve reserve waarmee het pensioenfonds in belangrijke mate financiële tegenvallers kan compenseren voor met name gepensioneerden zoals het voorkomen van een verlaging van pensioenuitkeringen als het langere tijd economisch slecht gaat en de beleggingsresultaten langere tijd negatief zijn.
De reserve is er dus voor bedoeld om de pensioenuitkering zo stabiel mogelijk te houden in slechte tijden. In een jaar mag maar maximaal 25% van de reserve gebruikt worden om de pensioenuitkering aan te vullen tot het niveau van de pensioenuitkering van het jaar ervoor. Zo kunnen we meerdere slechte jaren opvangen. De kans dat de pensioenen van gepensioneerden in een jaar omlaag gaan, wordt daardoor kleiner.
Op peil houden van de solidariteitsreserve
Jaarlijks wordt er 10% van het overrendement toegevoegd aan de solidariteitsreserve. Het overrendement is het rendement dat overblijft nadat het rendement voor het gelijk houden van de uitkeringen (beschermingsrendement) in mindering is gebracht. Zie ook de informatie bij beleggingen. Doordat de solidariteitsreserve wordt gevuld vanuit het overrendement draagt iedereen hier aan bij.
Hoogte solidariteitsreserve
Er is afgesproken dat de reserve niet meer mag zijn dan 10% van het totale vermogen. Bij de overgang op de nieuwe pensioenregeling is de solidariteitsreserve vanuit het fondsvermogen initieel gevuld tot dit maximum. De solidariteitsreserve kan ook te vol raken (overlopen). Dat is het geval als deze op 31 december meer bedraagt dan 10% van het totale vermogen van het pensioenfonds. We verdelen dan het te veel aan reserve over alle persoonlijke pensioenvermogens waardoor uw pensioen stijgt.